Uitje naar de Haagse toren

We mogen als Hagenaars apetrots zijn op de Haagse toren! Wat een prachtig monument en wat een uitzicht over Den Haag – bij goed weer.

De City Hosts die geen been zagen in het beklimmen van 288 voornamelijk wenteltraptreden werden 26 oktober ruimschoots getrakteerd op feiten en anekdotes. Want wist je dat de luidklok uit 1541 dateert? Op de klok is de oudste afbeelding van de Haagse ooievaar te vinden.
En dat de toren vroeger de bijnaam dronkemanstoren had, omdat je vanwege de zes kanten twee wijzers tegelijk kunt zien… Overigens uniek, die zes kanten, er zijn maar twee van deze torens bekend. De andere staat in Nieuwerkerk, op het eiland Schouwen-Duiveland. Deze is overigens herbouwd nadat de Duitsers de toren in 1945 hadden opgeblazen.
En wist je dat er in 1702 een burger, Abraham Streng, was die de treden van de toren opvloog om een brand te doven met zijn nachthemd? Hulde voor zijn moed, zijn conditie en de stof van het nachthemd. Dit was de tweede brand in de toren als gevolg van blikseminslag, een eerdere was in 1539, met grotere gevolgen.

Een formidabele prestatie
Respect alom voor de arbeiders die de toren in de vijftiende eeuw hebben gebouwd met veel spierkracht en slechts bijgelicht door kaarsen. Er is maar vier jaar over gedaan, terwijl de muren toch tweeënhalve meter dik zijn en de toren bijna 90 meter hoog is. Het fundament is overigens maar twee meter; na deze mededeling vroegen sommige City Hosts zich af of ze toch niet getuige zouden zijn van een spontane instorting.

De deskundige toelichting kwam van gids Roelof Veenstra – “het meeste wat ik vertel is waar” – , met hier en daar een aanvulling van ‘onze’ Ronneke, eveneens gids op de toren. De toren heeft officieel niets met de kerk te maken en is in beheer bij de gemeente. De kerkbestuurders hebben zelfs ooit recht van overpad moeten bedingen. De reden dat de toren onder verantwoordelijkheid van de gemeente viel had onder meer te maken met wereldlijke functies als tijdmelding en veiligheid, Den Haag had immers geen vestingmuren. De luidklok – Jhezusklok genaamd – diende om burgers voor gevaar te waarschuwen. Verder waren er brandwachten, torenwachters die ‘s nachts over de stad waakten om alarm te kunnen slaan bij brand. Om het half uur dienden zij ‘hoog van de toren te blazen’, als teken dat zij niet in slaap waren gevallen. Elk half uur werd je dus wakker geblazen omdat er geen gevaar was…

Foutje
Ondanks alle bouwvernuft werd er in 1861 een klein foutje gemaakt. In de tweede helft van 19e eeuw werden grote gietijzeren constructies mogelijk. Den Haag deed mee: de Haagse toren werd gekroond met een gietijzeren, neogotische spits, die al snel de bijnaam ‘de Slaapmuts’ kreeg. Die spits was natuurlijk veel te zwaar: er kwamen scheuren in de toren en er ontstond een levensgevaarlijke situatie. Pas in 1957 echter werd de met koper beklede houten spits weer gereconstrueerd en heeft de toren opnieuw een renaissance aanblik.

En dan was er nog informatie over de galmgaten en de uurwerkzolder, waar ‘het horloge’ – in een glazen doos in verband met klimaatbeheersing – ervoor zorgt dat de wijzers op tijd bewegen. Vroeger ging dat natuurlijk mechanisch, met de trekkracht van een dienstdoende ambtenaar om het gewicht omhoog te hijsen. We keken met ontzag naar de Jhezusklok van koper en brons, naar de enorme luiken waar de klok doorheen getakeld moest worden, we zagen de Carillonzolder met een ingenieuze constructie die de klok aanspeelt als de beiaardier er niet is. Behalve drie keer per week, is de beiaardier er altijd op Prinsjesdag, dan speelt hij Money van Pink Floyd of Money, money, money van Abba op het moment dat de minister van Financiën de begrotingsstukken aan de TK aanbiedt.

Als je alle treden bedwongen hebt, mag je naar buiten. WOW!!! Wat een uitzicht. Bij goed weer zie je de Euromast, je ziet de zee, Scheveningen, Kijkduin, de hele binnenstad… Kortom: al dat moois waarvoor wij met plezier City Host zijn. Tot slot: als je ‘Haagse toren’ googelt, kom je allereerst uit bij het Strijkijzer aan het Rijswijkseplein. Leuk, maar wij weten dat er maar één echte Haagse toren is!

Carla de Vries.